Uitspraak van het Hof van Justitie over collectieve onderhandelingen: Miljoenen zijn beschermd tegen loondumping!
Het HvJ bevestigt de EU-minimumloonrichtlijn, die de DGB oproept om met een actieplan te komen voor hogere collectieve onderhandelingen in Brandenburg.

Uitspraak van het Hof van Justitie over collectieve onderhandelingen: Miljoenen zijn beschermd tegen loondumping!
Een belangrijke stap voor de rechten van werknemers werd vandaag, 11 november 2025, gezet door het Europese Hof van Justitie (HvJ). Het HvJ heeft de belangrijkste aspecten van de EU-minimumloonrichtlijn bevestigd. Dit is niet alleen een reden om blij te zijn, maar vertegenwoordigt ook een belangrijk signaal voor een socialer Europa, zoals dgb.de meldt.
De richtlijn vereist dat de EU-lidstaten ervoor zorgen dat de dekking van collectieve onderhandelingen wordt versterkt in staten met minder dan 80 procent werknemers. Vooral in de deelstaten Berlijn en Brandenburg is de dekkingsgraad van collectieve onderhandelingen onder bedrijven opvallend laag. De Duitse Federatie van Vakbonden (DGB) in Berlijn-Brandenburg wijst erop dat werknemers, sociale verzekeringsmaatschappijen en de belastingdienst jaarlijks miljarden dollars mislopen die beschikbaar zouden zijn voor werknemers als er landelijke collectieve onderhandelingen zouden plaatsvinden.
Financiële verliezen en noodzaak tot actie
Uit berekeningen van de DGB blijkt dat het gebrek aan collectieve onderhandelingen in Berlijn leidt tot een jaarlijks verlies van ongeveer 2,6 miljard euro voor de sociale zekerheid, gekoppeld aan een verder verlies van ongeveer 1,4 miljard euro aan belastinginkomsten. Het valt nog te bezien dat werknemers zonder cao in Berlijn netto 1.904 euro minder verdienen, terwijl dat in Brandenburg zelfs 3.823 euro is.
Als de cao’s over de hele linie zouden worden toegepast, zou het mogelijk zijn om de werknemers in Berlijn jaarlijks 1,895 miljard euro en in Brandenburg 1,892 miljard euro meer te bieden. De DGB roept daarom op tot een snel actieplan om de collectieve onderhandelingen te versterken, dat door de federale overheid zou moeten worden ontwikkeld om de sociale cohesie te bevorderen.
Belangrijke eisen voor de toekomst
DGB-bestuurslid Stefan Körzell beschouwt de beslissing van het Europees Hof van Justitie als een gelukkige dag voor miljoenen werknemers in Duitsland en de hele EU. Hij eist dat de federale regering nu ook actie onderneemt en het actieplan start, zoals voorzien in de EU-minimumloonrichtlijn. De richtlijn vereist dat lidstaten hun eigen criteria voor passende minimumlonen vaststellen, wat betekent dat Duitsland de mogelijkheid heeft om de regelgeving te herzien en indien nodig te verbeteren.
In deze discussie wordt vooral de noodzaak van duidelijke regelgeving op de arbeidsmarkt benadrukt. Zonder effectieve bescherming tegen loondumping en willekeur op de arbeidsmarkt lopen werknemers, vooral in de lagelonensector, het risico te werken onder omstandigheden die niet overeenkomen met een eerlijk en billijk loon.
Met een duidelijke focus op cao-onderhandelingen ziet de DGB niet alleen kansen om de koopkracht van werknemers te versterken, maar ook om de concurrentiekracht van bedrijven te vergroten. Alleen met eerlijke lonen kunnen goede arbeidsomstandigheden worden gecreëerd, die uiteindelijk de handel en de hele economie ten goede komen.