Nijlpaarden: ijstijdverrassing uit de Bovenrijn-Graben!

Transparenz: Redaktionell erstellt und geprüft.
Veröffentlicht am

Uit nieuw onderzoek van de Universiteit van Potsdam blijkt dat nijlpaarden tijdens de laatste ijstijd in Duitsland leefden.

Neue Forschung der Universität Potsdam zeigt, dass Flusspferde während der letzten Eiszeit in Deutschland lebten.
Uit nieuw onderzoek van de Universiteit van Potsdam blijkt dat nijlpaarden tijdens de laatste ijstijd in Duitsland leefden.

Nijlpaarden: ijstijdverrassing uit de Bovenrijn-Graben!

Bijzonder spannend nieuws uit de wereld van de paleontologie! Uit een recent onderzoek blijkt dat nijlpaarden veel langer in Midden-Europa leefden dan eerder werd gedacht. Volgens onderzoek uitgevoerd onder leiding van de Universiteit van Potsdam en het Reiss-Engelhorn Museum Mannheim leefden deze krachtige dieren in de Bovenrijnslenk tijdens de laatste ijstijd, met name tussen 47.000 en 31.000 jaar geleden. Vroeger werd aangenomen dat het gewone nijlpaard zo’n 115.000 jaar geleden uit Midden-Europa was verdwenen, maar nieuwe analyses geven ons nu een ander perspectief. Dit meldt idw-online.de.

Een cruciaal onderdeel van de ontdekking is een gefragmenteerde onderkaak van een vrouwelijk nijlpaard, afkomstig uit de grind- en zandafzettingen in Bobenheim-Roxheim in het district Rijn-Palts. De botvondsten zijn niet alleen goed bewaard gebleven, maar vormen ook een waardevolle bron voor onderzoek. Dit gebied van de Bovenrijn-Graben, dat door delen van Baden-Württemberg, Rijnland-Palts en Hessen loopt, was een oud leefgebied voor nijlpaarden, die mogelijk in kleine, geïsoleerde populaties leefden.

Nieuwe inzichten in de levensstijl van nijlpaarden

De krimpende omvang van de rivierpopulatie en de genetische diversiteit ervan stonden centraal in het onderzoek. Dr. Ronny Friedrich, een van de onderzoekers, benadrukt dat uit de DNA-analyses blijkt dat deze nijlpaarden nauw verbonden zijn met de hedendaagse Afrikaanse verwanten, wat wijst op interessante evolutionaire thema's. In tegenstelling tot de grotere populaties die we uit vroeger tijden kenden, was de genetische diversiteit van nijlpaarden uit de ijstijd laag, wat erop wijst dat de overleving beperkt is.

Gedurende hun tijd leefden de nijlpaarden in een mildere klimaatperiode, midden in de ijstijd, waardoor ze konden delen met soorten als mammoeten en wolharige neushoorns. Onderzoek naar de levensstijl van deze dieren wordt uitgevoerd in het kader van het project ‘Ice Age Window Upper Rijn Graben’, dat wordt gefinancierd door de Klaus Tschira Foundation Heidelberg. Het doel van het project is om inzicht te krijgen in de klimaat- en milieugebeurtenissen in de Bovenrijn-Graben gedurende 400.000 jaar.

Een vooruitblik op toekomstig onderzoek

De uitgevoerde analoge onderzoeken kunnen ook gevolgen hebben voor toekomstig onderzoek. Dr. Patrick Arnold, een van de hoofdauteurs van het onderzoek, benadrukt dat nijlpaarden niet zomaar verdwenen zijn aan het einde van de laatste interglaciale periode. In plaats daarvan moeten ook andere Europese nijlpaardfossielen opnieuw worden beoordeeld. Deze nieuwe bevindingen zouden onze kennis van de wilde dieren in Midden-Europa tijdens de ijstijd aanzienlijk kunnen vergroten.

Over het geheel genomen laat de studie, gepubliceerd in het tijdschrift Current Biology, zien hoe complex ijstijdonderzoek is en hoe het ons nieuwe verrassingen blijft brengen. De vraag hoe verschillend de leefgebieden van onze voorouders waren, blijft een fascinerend onderwerp dat nog steeds veel geheimen kent. Verdere details en de uitgebreide onderzoeksresultaten zijn te vinden in het artikel op stern.de en in de Originele publicatie.